Wéér vroeg op vandaag.
De rij auto's voor vertrek is al compleet als ik mijn tentje opvouw om weer zonder ontbijt in de auto klim voor de één na laatste etappe. Zonder koffie op te hebben gaan we weer op stap. Er ligt nog wat jus d'orange in de wagen, en er is ook nog wat Cola, als alternatief voor de o zo begeerde koffie. De stoet wagens is al op weg als wij en 'de Belgen' er achteraan gesjeesd komen. Vandaag gaan we naar Njawarra, een kleine gemeenschap in het noorden van Gambia. Cor heeft de stal geroken, denk ik bij me zelf als er weer -vlot- wordt door gereden. Ik vind die snelheid vaak jammer, nu eigenlijk ook. Senegal is zó mooi, ik zou graag zo hier en daar even uitstappen en de omgeving verkennen. Een uurtje of twee, misschien drie later stoppen we bij een dorp vlak voor de grens. Ik weet niet precies waarom we hier stoppen, heeft iets met een goed doel te maken.

Er wordt flink om cadeaus gebedeld. We delen er een paar uit, maar de auto wordt half ondersteboven gelopen door hebberige zwarte handjes. Ik loop naar buiten om een paar foto's te maken. Een vrouw spreekt me aan, en vraagt of ik van haar en haar kind ook een foto wil maken, in het Frans. De vraag wordt voor me vertaald en ik krijg haar adres om de foto's naar op te sturen. het verbaasd me weer, omdat ik me zo heb laten inprenten dat je hier voorzichtig moet zijn met het maken van foto's. Nu ja, ik beloof haar ze op te sturen en maak ze met plezier, ze krijgt mijn adres ook.

De bus blijkt zonder diesel te staan, als we een half uurtje later weer verder willen gaan. Er worden een paar jerrycans in gegooid, maar dan blijkt er toch nog meer nodig te zijn. Toon mag weer aan het sleutelen. er worden nog even wat compressoren uitgeprobeerd en dan blijkt de diesel weer in rap tempo (één liter per drie kilometers) door de leidingen te stromen. We arriveren er een half uurtje later bij de grens Er moeten weer een paar tientjes mijn portemonnee uit voor verzekeringen en visumkosten.
De overgang verloopt soepeltjes. We wachten even op de motorrijder die ons naar Njawarra zal begeleiden, en dan gaat het loos.
Al het overige verkeer wordt van de weg gereden, en wij moeten met de alarmlichten aan, over het midden van de weg rijden. Ik voel me er weer eens behoorlijk opgelaten bij. Voor mij hoeft het niet zo nodig op deze manier, bovendien doen onze alarmlichten het niet goed, maar dat alles mag de pret niet drukken. Peter krijgt nog een paar sms'jes van zijn zus en van zijn collega. Hij belt ze beiden trots op met de mededeling dat we het gehaald hebben. Bovendien sms't hij nog even met de familie van zijn collega om het een en ander af te spreken, maar daar zal verder weinig van terecht komen. Wel leuk om nu hier zo te zijn, en dit meeleven weer even te ervaren.
Vlak voor Njawarra neemt de motoragent afscheid, en worden we ingehaald door alle dorpelingen. Volgens mij is half Gambia hier aanwezig. Ze roepen allemaal om het hardst; 'Welkom, Welkom, Welkom!', en dat duizenden keren. Het geeft me een 'vierdaagse gevoel'.
Kijk hier voor het filmpje op YouTube.
We hebben het gehaald! Ik vind het super, tegelijkertijd schaam ik me een beetje, voel me opgelaten, maar dat verdring ik. Ik heb zin in feest. Ik ben ook bekaf, wil me weer douchen. Het was vandaag bijna vijftig graden in de auto, en nog belangrijker misschien, ik had geen koffie op!
We parkeren de auto's en worden een schooltje of zo in geloodst voor een toespraak van de burgemeester. Er is dans, en muziek. Binnen twee seconden gaat er iemand met de pet rond voor een bijdrage voor zijn muzikale omlijsting. Hij krijgt vreselijk op zijn falie, van de ceremoniemeester. Terecht vind ik. We komen daar voor een klein kapitaal aan goederen en auto's brengen, en er moet weer betaald worden voor prestaties, nog niet verricht. Dan wordt onder een boom weer betaald voor het eten en drinken, de overnachting is gratis.


We lopen naar het eerste het beste kamertje en gooien de tassen op bed. Dan ga ik op zoek naar een douche. Er worden me twee mogelijkheden geboden. De eerste is met een emmertje water en een grote pollepel, de tweede is een echte douche maar er is geen verlichting, en er is alleen een groot gat in de muur als raam. Weinig privacy, maar ik voel me wel weer schoon, en in Afrika, als ik er uit kom. Het eten is geweldig. Het smaakt ons prima, zelfs Peter schept minstens twee keer op.
Twee meiden worden ons voorgesteld, en we bieden ze wat te drinken aan. Volgens één van hen ben ik bekaf, het mag de pret niet drukken. We gaan met ze mee, en krijgen te zien hoe ze wonen, waar hun familie leeft etc. etc. We schuiven aan en krijgen nog warme, net geroosterde pinda's aangeboden. Die zijn inderdaad erg lekker. Ze kleden zich even zonder enige schaamte om, en dan gaan we naar de festiviteiten, maar eerst willen ze nog even tv kijken. Een stommere soap bestaat er niet, maar zeker 15 mensen zitten op plastic stoeltjes buiten naar de tv te kijken, en dat is dan wel weer grappig. Bovendien ligt er een hond aan mijn voeten... Er is ook nog een groep Noren die de muziek wil doorgronden en nog wat andere toeristen.
We gaan nog even bij het worstelen kijken, dan is er dans. Peter en Touly willen naar bed, dus die brengen we even naar hun kamers. Bintou en ik gaan terug naar de festiviteiten en babbelen later nog wat op een bankje onder een boom, tussen de geiten, kippen en ezels. Ik krijg een dikke knuffel van haar en ga dan ook pitten.
Africa rocks.
Trusten.