We vetrekken weer op tijd, ik meen om ongeveer acht uur, maar dat kan ook zeven zijn. Vandaag gaan we naar Dakar, voor mijn gevoel zijn we er al. We rijden weer in konvooi. Eigenlijk vind ik dat vaak jammer. Sommige dorpen zijn zo leuk dat ik er graag even zou stoppen, maar ja de stoet moet door. Peter vind volgens het volgens mij prima dat groepsgebeuren, maar ik zou graag eens zo'n stoffig zijweggetje willen inrijden. Het is overigens slechts een kleine prijs te betalen.
St Louis door. De drukte went, de stank niet. Als we wat verder van de haven zijn vind ik het toch eigenlijk, héél stiekem wel een stadje waar ik best een paar uurtjes zou willen ronddwalen.
Even verderop, lees een uurtje of drie, krijgen we van Cor en het schoolbus team een spoedcursus negertje voor lul zetten. Zie foto, verdere uitleg kompleet overbodig.
We rijden weer verder en na een aantal uurtjes zien we het bordje Lac Rose staan. We rijden die kant op, en voor je het weet staan we bij de camping Niaga Peulh, tevens het eindpunt van Amsterdam-Dakar zoals op de muur staat geschreven.

Ik schrijf de Peugeot er maar meteen even bij, is tenslotte ook team AfricanConnection ;-).
We nemen er meteen een, en later nog een tweede. Peter heeft de whisky ontdekt als ik later weer binnenkom. Iedereen lijkt opgelucht te zijn om hier te zijn aangekomen. sommigen moeten hun wagen meteen laten repareren. De Rocky is de laatste 400km of zo gesleept ivm een kapotte km. Thuis zou je zeggen;'Ben je gestoord?', maar hier denk je er geen minuut over na. Wat moet dat moet.
Als ik even later een kamer wil regelen, heb ik voor peter slecht nieuws. De kamers zijn op. Ik vind het niet erg om mijn tentje op te zetten. Peter is ook gauw om, en vind het allemaal 'wel best'.
Terwijl we de tent opzetten komen er drie jochies aan met een hoop hout op het hoofd, om vuur te stoken of zo. Ik loop even naar de auto, en geef ze ieder een zak snoep. Twee minuten later klinkt er steeds een enorm gesis van achter op de heuvel. 'My frend' psss pss.
Drie jonge meiden komen er aan gesjeesd. 'Bonbon' 'please sir'' 'I have fore children, and those', ze wijst op de zakken met poppen. We geven ieder een paar van alles en sturen ze weg. dat laatste valt niet mee. Pas als ik me omdraai en de deuren op slot doe gaan ze weg. We duiken de eetzaal in en nemen een hapje. Andere teams gaan nog even stappen. Ik twijfel om nog mee te gaan, maar doe het toch maar niet. Zes uur in de ochtend terugkomen is niet meer mijn dingetje.